kerkbode van...
...4 september
Wat zie je er goed uit?!
God gebruikt Samuël om tot eer van Hem een nieuwe koning uit te zoeken. En Samuël wordt volledig gebruikt, want hij snapt zelf niet eens wat er nu gaat gebeuren. Hij begrijpt er niets van. Saul is zo’n voorbeeld uit de boeken, knap, sterk, machtig en slim, maar boven alles, egocentrisch. Saul denkt, dat God zijn plannen wel aan die van Hem aanpast. Nou, no way!
Dus parkeert hij God aan de kant van de weg, omdat hij het beter kan. ( Denkt hij )
Zijn er trouwens niet veel meer christenen die zo denken? U misschien? Jij misschien? Ik misschien? Dat we zo diep in onszelf gekeerd zijn, dat God omdat we christen zijn wel naar ons zal luisteren en Zijn plannen aanpast?
De eerste zoon van Isaï zal het wel zijn, die is knap, sterk, écht hij ziet er goed uit! Wat een vertegenwoordiger! Nee, hij zal het wel zijn. Ha, nee, natuurlijk niet Samuël! Heb je niet door dat deze van binnen totaal niet matcht met Mij, wat ik voor ogen heb?
Nee, dan als laatste David, moedeloos en bevend loopt de oude man langs hem heen met zijn hoorn vol kostbare olie in zijn hand. Nou, dit wordt hem niet meer, man, heb ik voor niets zo ver gereisd? Wat wil God nu? ( we horen hem denken.. toch? ) Dit is hem!
Die kleine? Maar,.. Geen maar! Zalf hem! 5 seconden later druipt de olie over Davids sandalen op de grond. Zijn voeten worden niet gedroogd, maar die van Jezus wel.
Jakobus 2 leert ons dat zelfs na de opstanding en hemelvaart van Jezus, er mensen zijn die anderen keuren op hoe ze erbij lopen. Op wat ze zien aan rijkdom aan waarde.
God ziet jouw hart aan, uw hart en mijn hart. Als die ontbrand in de liefde, in die alles omvattende liefde, die net als Jezus alles geeft en dient, bent u, jij en ik rechtvaardig. Heel persoonlijk, niet ons als geheel, nee, individueel. Jezus is niet voor “ons” gestorven. Nee, voor jou, voor u, voor mij. Dát bindt ons samen, samen die weg gaan, die Jezus liep. Naar de mensen die wij niet waardig achten, de verschoppelingen, de losers. David werd niet waardig geacht.. U, jij, ik wel? Ik hoop het niet! Dan ben ik al verhoogd, maar ten diepste zou er het verlangen moeten zijn door God verhoogt te worden. Egoïsme..?
Maarten Hartevelt
...20 augustus
Gehoorzaam vertrouwen
In 1 Samuël 13 – 15 krijgen we een spiegel voorgehouden. Het verhaal vertelt ons van Saul, die ten strijde trekt. Tegen de Filistijnen en tegen de Amalekieten. Een angstaanjagend scenario: Nadat Jonathan een garnizoen Filistijnen heeft verslagen, maken de Filistijnen zich op om ten strijde te trekken tegen Israël. Een grote overmacht trekt op: 30.000 wagens, 6.000 ruiters en een leger zo talrijk als de zandkorrels aan de oever van de zee.
Je kunt je voorstellen dat Saul het er behoorlijk benauwd van krijgt: Zo’n grote overmacht en hij moet wachten. Wachten tot Samuël komt om een brandoffer voor God te brengen. Maar Samuël komt niet. Hij laat op zich wachten. Het volk begint zich al van Saul af te keren. Een week lang wacht hij, wetend hoeveel Filistijnen er aan de andere kant van het slagveld op hem wachten. Een week. En nog is Samuël er niet. Dan kan Saul niet langer wachten en brengt zelf het brandoffer.
Als Samuël daarvan hoort, moet hij Saul een vreselijke boodschap brengen: U hebt dwaas gehandeld, Saul. God zal het koningschap van je afnemen. Saul trekt zijn eigen plan. Hij wil geen rekening houden met God. Voor de vorm en zijn eigen gemoedsrust bracht hij een offer, maar hij was niet van plan naar God te luisteren. Dat blijkt ook in hoofdstuk 15, als Saul de Amalekieten heeft overwonnen, maar ook daarin niet handelt naar Gods bevel.
Het brengt Samuël tot de woorden: ‘Heeft de Heere evenveel behagen in brandoffers en slachtoffers als in het gehoorzamen van de stem van de Heere? Zie, gehoorzamen is beter dan slachtoffer, opmerkzaam zijn beter dan het vet van rammen.’
Lees met dit in je achterhoofd Romeinen 12 vers 1 en 2 eens. Heilig en voor God welbehaaglijk te zijn, dat is de redelijke godsdienst. Niet aan de wereld gelijkvormig worden, maar innerlijk veranderd door de vernieuwing van je gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is.
Er zijn momenten in je leven dat je wakker zou willen worden en een briefje op de spiegel zou vinden waarop God je duidelijk maakt wat te doen, welke keuze te maken. Paulus zegt hier: Daar hoef je niet op te wachten. Vertrouw op God. Richt je in geloof volkomen op Hem en je ontdekt wat de goede en volmaakte wil van God is. Doe dat maar. Niet alleen rondom die ene keuze of dat ene moment in je leven, maar heel je leven, je hele bestaan. Het is vele malen beter dan, net als Saul, je eigen zin in ongeloof door te zetten en met God geen rekening te houden. Vertrouw maar op Hem…